images/saultklein.jpg

admin Dinsdag 23 Juli 2002 at 6:59 pm | | Default | Negen reacties

Strijdtoneel

De Provençaalse wesp is een maatje groter dan zijn soortgenoten uit andere delen van Europa. Hij is geen liefhebber van zoetigheid, maar voedt zich bij voorkeur met chloor en algenbestrijdingsmiddel. Zijn vliegbeweging is - mogelijk door de overmatige inname van deze chemische stoffen - wat traag en niet erg efficiënt. Met de Provençaalse wesp valt echter niet te spotten! Voelt hij zich in het nauw gedreven, dan aarzelt hij geen moment om zijn scherpe angel in diep in zijn belager te brengen, waarna er op diens huid vrijwel direct een pijnlijke plek ontstaat, in beginsel wit van kleur en grillig gevormd, die in ernstige gevallen een doorsnede kan hebben van vijf tot zeven centimeter.

Soms heb ik ogenschijnlijk het zwembad voor mij alleen, maar vaak is juist dan niets minder waar. Ik deel het met duizend wespen. Terwijl ik mijn boek lees, zoemen ze onophoudelijk voort, scheren over het wateroppervlak en doen zich tegoed aan de plasjes rond het bad, sommige hebben zelfs het lef om zich te laten drijven op het water om gulzig door te drinken. Wil ik een stukje zwemmen, dan gaat daar een ingewikkelde manoeuvre aan vooraf om het zwembad te bereiken zonder een van hen te ontrieven, en eenmaal in het water baan ik met alle voorzichtigheid die mogelijk is zonder te zinken, me een weg door de surfende insecten. Ik probeer te handelen vanuit het beginsel van leven en laten leven, vandaar dat ik zelden een aanslag pleeg op het leven van een van mijn badgenoten. Ik laat hen met rust en zij mij. Dat werkt tot nu toe aardig.

Hoe anders staat de buurman, mijn oom, tegenover deze ongenode gasten. Sterven moeten ze en wel zodra hij zich aan de waterkant begeeft. Daartoe stelt hij zich strategisch op. Gezeten op een klein plastic tuinstoeltje pal voor het zwembad, gewapend met twee vliegenmeppers, slaat hij luidruchtig, maar doelgericht om zich heen, bij iedere slag overlijdt een wesp. Die wordt met de mepper aan de kant gewipt, mijn oom rangschikt de lijken in nette rijtjes van tien. Zo ziet hij precies hoeveel moorden hij reeds op z'n geweten heeft en kan hij de overige badgasten zo nu en dan trakteren op een tussenstand. Alle wespen rond het bad dood is een onmogelijke opgave, daarvoor zijn ze met te veel, bovendien lijkt het wel alsof er vanuit het niets nieuwe broertjes en zusjes bijkomen. Als er twee of drie rijen aan de rand liggen, is het welletjes en tijd voor de volgende zet in de wespenoorlog.

Inmiddels uitgerust met een groot schepnet, roert de buurman lustig rond in het badwater, nietsvermoedende wespen en ander ongedierte worden onverbiddelijk meegesleurd in het blauwe net. De bedoeling is dat het water wespvrij wordt, maar ook nu lijken er zich telkens nieuwe ploegen op het oppervlak te verzamelen. De strijd wordt dan ook na enige tijd gestaakt, hoewel er zich inmiddels ook in het schepnet grote legers wespen bevinden. Mijn oom haalt het uit het water en legt het met de opening naar beneden op de tegels, zodat ze niet kunnen ontsnappen. Want de Provençaalse wesp is een overlever, die is na een dergelijke langdurige marteling nog niet bezweken. Voor de gevangen wespen nadert nu ook het einde, doodtrappen is in deze fase de methode. Breedgeschouderd en bruin gebronsd stampt mijn oom ritmisch op het netje, nu eens met zijn linker-, dan eens met zijn rechterslipper, soms met beide tegelijk. Tak, tak, tak, klinkt het en hij levert bij zijn gespring commentaar als: 'zo, dit is een taaie' en 'daar gaat er weer een'. "Wat doe jij daar, lelijkerd!", roept hij als na dit toch amusante tafereel een van de wespen de merkwaardige dans bijna weet te ontspringen en levend en wel uit het net krabbelt. Hem wordt alsnog meedogenloos de doodslag toegediend. Deze rituele slachtpartij herhaalt zich dagelijks twee of drie keer, zodat de rand van het zwembad aan het einde van iedere middag is veranderd in een waar wespenkerkhof.

Na inspanning komt ontspanning, vindt mijn oom. De overwinning is op de een of andere manier aan ons, hoewel er - althans in mijn beleving - nog minstens zoveel wespen rondzoemen als voor de hele vertoning. "Tijd voor een duik", roept hij triomfantelijk en met veel geraas landt zijn grote lichaam in het water. Even is het stil. Als hij dan weer bovenkomt, proest, het water uit zijn ogen wrijft, roept hij hoogst verbaasd: "Waar komen jullie allemaal vandaan?!" De tientallen wespen tot wie hij het woord richt, antwoorden uiteraard niet, maar drentelen slechts wat versuft om hem heen.

admin Maandag 22 Juli 2002 at 6:16 pm | | Default | Negen reacties

To do or not to do

Ik maak zelden to do-lijstjes. Dat is vreemd, want ik vind het van alle lijstjes de leukste lijstjes. Het is zo'n lekker gevoel om iets door te strepen als je ermee klaar bent. Daarom zet ik ook altijd als eerste punt op mijn to do-lijstje: to do-lijstje maken. Kun je meteen iets wegvinken! De enige momenten waarop ik dus wel to do-lijstjes maak, is voordat ik op vakantie ga. Want dan ben ik het bangste dat ik iets vergeet to do. Ik heb vandaag een hele lange lijst. Het ziet er echt uit als een vakantielijst. Er staat bijvoorbeeld op 'Koffer pakken'. 'IJskast leeg'. 'Kattenv. inslaan'. 'Tel. v/d buurm. vragen'. Nou ja, en meer van dat soort typische dingen die je doet voor je op vakantie gaat, sommige puur ter verhoging van de vakantievoorpret, zoals 'Paspoort klaarleggen'. Ik heb m'n paspoort altijd bij me, dus dat is echt een onzinactiepunt. Streep ik meteen door. Ha, dat gaat goed. Dan staan er nog een paar rottige dingen, zoals: 'Admin.' en 'Afwassen'. Daar begin ik straks meteen maar aan, heb ik dat gehad. Dit is overigens een speciale versie van het to do-lijstje, aangezien ik er een per sé not to do-sectie in heb opgenomen. Daarin staat: 'Aan website fröbelen'. Dat heb ik de afgelopen dagen wel genoeg gedaan. Ik heb er zelfs een beetje tintelende handen van. Ik ben er alleen nog niet uit wanneer ik dat punt nu kan doorstrepen. Pas als ik aan het einde van de dag nog steeds niet gefröbeld heb, of nu al, zodat ik niet straks weer in de verleiding kom te gaan fröbelen? Ik schrijf er nu nog even wel op (onder het kopje to do, natuurlijk): 'Stukje op log plaatsen'. Kan dat ook meteen doorgehaald. Beter. Laat de vakantievreugde nu maar beginnen dan.

admin Vrijdag 19 Juli 2002 at 10:55 am | | Default | Zeven reacties

Nieuwe ogen

"Zie je niks vreemds aan me?"
"Je bedoelt behalve dat je nogal idioot pal voor me staat met je ogen wijd opengesperd?"
"Ja, behalve dat."
"Ehm, je hebt een nieuw groen shirt aan."
"Klopt, maar dat bedoel ik niet."
"En een nieuwe broek."
"Ook niet."
"Iets met je haar?"
"Is er iets met m'n haar?"
"Nee, maar ik dacht... Wat dan?
"M'n ogen! Ik heb groene ogen!"
"Groene ogen?"
"M’n kleurlenzen zijn met de post gekomen vanmorgen."
"Oh, nou je het zegt, van heel dichtbij zie ik wel wat groene spikkeltjes. Maar verder zijn ze nog gewoon bruin, hoor."
"Echt?"
"Ja. Niks bijzonders te zien."
"Niet dat je denkt: wat ziet die er vandaag mysterieus en sexy uit?"
"Niet mysterieuzer en sexy-er dan op andere dagen."
"Oh."
"Tsja."
"Toch jammer.”
"Ach."

admin Donderdag 18 Juli 2002 at 6:37 pm | | Default | Vijftien reacties

Ach, ook leuk...

blogchalk: Charlotte/Female/26-30. Lives in Netherlands/Utrecht/Centrum and speaks Dutch. Spends 60% of daytime online. Uses a Faster (1M+) connection.

admin Donderdag 18 Juli 2002 at 2:22 pm | | Default | Drie reacties

Schone lei

Fijn hè? Zo'n proper web. Zo ziet het weblog-programma Pivot er dus uit als je niet - zoals ik - meteen vanalles wilt verneuken. In de vorige versie van Charlotte's Web heb ik het zover laten komen dat niets meer werkte. Dat is natuurlijk niet helemaal zo. Het had allemaal vast nog wel gewerkt - opnieuw - als ik het geduld had gehad om uit te zoeken waar de fout precies lag, of zoals experts het zeggen: waar de corrupte file zich ophield. Goed. Een nieuw begin. Het is nu wat kaal, misschien kun je het zelfs onpersoonlijk noemen. Dat komt goed. Stap voor stap brengen we Charlotte's Web weer terug naar de oude staat. Zodat ik me ook weer thuisvoel in m'n eigen web. Het kan nog even duren, ik wil nu eens niets overhaasten. Ik weet waar dat toe heeft geleid. Ondertussen zal ik wel stukjes blijven plaatsen. En daar gaat het tenslotte om. Daar kwamen jullie toch voor?

Update: Te laat! Kon het niet laten om alles snel weer in de oude staat te brengen. Wel het een en ander aangepast, zoals je ziet.

admin Woensdag 17 Juli 2002 at 01:58 am | | Default | Vijftien reacties

Leuke mensen

De laatste tijd houdt er zich een groepje op voor mijn deur. Het zijn geen kinderen meer, maar ook nog net geen jongens. Ze klimmen over het muurtje en op het dak van de school tegenover mijn huis en voetballen op straat. Als ik naar buiten loop, word ik nagefloten en roepen ze dat ik een lekker kontje heb. Dat klopt, maar ik betwijfel of ze oud genoeg zijn om over dat soort zaken te kunnen oordelen. Ik heb me nog niet aan hen gestoord, maar als ik met m'n vriendin M. zit te eten, worden we tot drie keer toe opgeschrikt door een voetbal die het raam raakt. De volgende keer gaat-ie er doorheen, ben ik bang. Ik kijk streng naar buiten met m’n speciale dat-mag-niet-blik, maar ze kijken brutaal terug en trappen de bal nog eens extra hard richting m'n raam. Hij raakt het net niet, stuitert een paar centimeter er vandaan van de muur af. We laten het maar even.

De bel gaat. Voor de deur staat een mollig mannetje van een jaar of twaalf. "Mevrouw", zegt hij. "Kunt u dit schoonmaken?" Hij laat me zijn elleboog zien, met daar net onder een lelijke schaafwond. Van het muurtje gevallen, de sukkel. "Loop maar mee", zeg ik. Hij loopt achter me aan naar de badkamer, waar ik met een schoon nat washandje het ergste vuil weghaal. "Dat doet wel pijn, hoor", zegt hij verschrikt, en drukt het washandje gauw stijf tegen zijn arm aan. Een forse zoektocht in het badkamerkastje levert een klein flesje jodium en een grote pleister op. Ik duw hem naar de huiskamer en houd z'n elleboog zo vast dat ik er wat jodium op kan druppelen. "Prikt!", gilt-ie nu bijna. Tranen blinken in z’n ogen. "Kiezen op elkaar en springen", zeg ik. Het huis schudt op z’n grondvesten als hij mijn advies volgt. M. glimlacht. Ik plak de pleister op de wond en stuur hem weer naar buiten. "Dank u wel, mevrouw", zegt hij nog als-ie zich weer bij z’n vrienden voegt. Als ik even later samen met M. naar buiten loop, blijft het gebruikelijke commentaar achterwege. Ik kijk hem vragend aan en hij lacht naar me. "Leuke mensen", horen we hem wijs zeggen als we ietsje verder zijn.

admin Woensdag 17 Juli 2002 at 01:31 am | | Default | Negen reacties

Nieuw besturingssysteem

Mijn computer is gisterenmorgen overleden en 's middags uit de dood herrezen. Zeg ik heel koel. Namelijk helemaal geen drama. Geen ramp. Geen tranen en paniek. Voor het eerst in mijn computerend bestaan heb ik na een dergelijk schokkend incident nog beschikking over al mijn werk van de afgelopen maanden. Ik heb - en dat mag een primeur heten - uitstekende backups gemaakt. (Nou ja, ik heb zelf de backups niet gemaakt, maar ik vond het wel een heel goed idee van m'n broertje. "Voor je gaat sleutelen, áltijd een cd'tje van je harde schijf branden", sprak hij wijs, waarop hij een cd brandde en vervolgens mijn computer om het leven bracht.) Dus kon ik toen Windows XP eenmaal draaide, alles weer netjes terugzetten. De belangrijkste programma's heb ik opnieuw geïnstalleerd. Het kostte me een dag. Nu kan ik gewoon weer verder waar ik was gebleven. Toch is het vreemd. De programma's en documenten zien er raar, nieuwig uit. Ik kan alles vinden, grijp nooit mis, maar 't voelt niet echt vertrouwd. Alsof je van vakantie terugkomt en ontdekt dat in je afwezigheid al je meubels zijn geplastificeerd.

admin Woensdag 10 Juli 2002 at 11:55 am | | Default | Negen reacties

Nieuwe liefde

Koopavond. Ik loop door de stad met de vaste intentie geld uit te geven. We lopen kleding- en schoenenzaken in en uit. Dan zie ik hem staan. Alleen. Voor een antiekzaak. Ik ben op slag verliefd. "Dat is hem", zeg ik tegen m’n vriendin C. "Die is van mij." We lopen de winkel binnen. "Zoiets vind je nooit meer", zegt de uitbater. "Een unieke tafel. Gemaakt van oud Canadees hout. Eigenlijk zou-ie veel meer moeten kosten. Maar voor jou... Ik breng hem morgen gratis bij je thuis. Zorg ik dat-ie keurig op z'n plek komt te staan. Je krijgt levenslange garantie van me." Ik hak de knoop snel door. Het is een smak geld, maar ik weet zeker dat het het waard is. Een kwartier later ben ik de eigenaar van de tafel die ik altijd al wilde hebben. Aan elke kant kunnen met gemak drie stoelen. Zonder te passen en te meten kun je er met z'n achten aan eten. Hij is niet oud, maar ziet er wel geleefd uit. Dikke vierkante poten een groot blad. Geen tierlantijnen, maar een en al sfeer. Het oermodel tafel.

De volgende dag om kwart voor elf gaat de bel. Joepie! M'n nieuwe tafel! Ik heb de oude al aan de kant gezet. Samen met de winkeleigenaar schroef ik de nieuwe op straat uit elkaar en binnen weer in elkaar. Daar staat-ie dan. De tafel van m’n dromen. Ik geef de verkoper het bedrag dat ik hem nog schuldig ben en bedank hem hartelijk. "Je bent een leuk meisje", zegt hij, en vertrekt. Ik loop eens een rondje om m'n nieuwe tafel. Nou, denk ik. Dat verhaal over liefde op het eerste gezicht is dus ook een fabeltje. Wat een groot, lomp, afzichtelijk ding. Hoe heb ik kunnen denken dat dit de tafel is die mijn huis nodig heeft? Juist niet! Het ziet er niet uit. Het blad is bobbelig en je krijgt er vast splinters van. Hout op hout staat altijd, zeggen ze wel eens, maar je kunt ook overdrijven. Een houten vloer, een houten tafel en houten stoelen is duidelijk overdreven. Ik hang twee schilderijtjes weg die de kleur hebben van hout. De kat springt op tafel en gaat in het midden zitten. Ze ziet er klein, eenzaam en hulpeloos uit omgeven door een enorme vlakte van hout. Wanneer komt het in godsnaam voor dat ik zeven gasten te eten heb? Ik wil deze rottige tafel niet. Zou ik hem nog terug kunnen geven?

In de dagen die volgen negeer ik m'n nieuwe tafel zo goed als ik kan. In 't voorbijgaan probeer ik zo min mogelijk glimpen op te vangen. Hetgeen nauwelijks mogelijk is, aangezien de tafel zo ongeveer m'n hele huiskamer in beslag neemt. Zo nu en dan smijt ik mijn tas of de post erop en ren weer naar boven of naar buiten. Maar vandaag hoef ik de deur niet uit. Zonder m'n nieuwe tafel een blik waardig te keuren slenter ik naar de keuken. Ik zet koffie en bak een ei. Vanuit de keuken kijk ik nu eens voorzichtig de kamer in. Dat ziet er best leuk uit. Een mager zonnetje schijnt op tafel. Er liggen dingen op. Thuisdingen die op tafel horen. Sleutels, enveloppen, m'n telefoon, het frontje van m'n radio, de krant. Ik zet de koffiepot erbij. Nog leuker. Een bosje bijna verlepte bloemen. Gezellig. Ik ga op een stoel aan een hoek zitten neem een hap van mijn boterham met gebakken ei. Als ik heb ontbeten sla ik de zaterdagkrant open. Daar heb ik nu alle ruimte voor. Als er iemand naast me zou zitten zou die ook met gemak een stuk krant voor zich kunnen uitspreiden. Dat dat niet zo is, maar wel zou kunnen, vind ik een fijn idee. Ik neem een slok koffie en merk op dat ik vanaf mijn plek een fantastisch uitzicht heb op mijn lievelingsschilderij. Op een hoek ligt de kat opgerold te spinnen. Met m'n vingers strijk ik over het tafelblad. Ik krijg er geen splinter van. Ik denk eens na over wie ik de komende tijd te eten zou kunnen vragen. Liefde op het eerste gezicht bestaat wel, denk ik dan. Maar je moet misschien eerst wel even aan je nieuwe liefde wennen.

admin Zondag 07 Juli 2002 at 8:01 pm | | Default | Negen reacties

Die eerste zin

Ik schrijf stukjes. Niet alleen hier, op m'n website, maar ook op websites van anderen, in bladen en brochures, nieuwsbrieven en magazines. Ik kan er geen genoeg van krijgen, zou je haast zeggen. Met de stukjes die ik niet hier schrijf, moet ik natuurlijk gewoon m’n brood verdienen. Je zou het ook artikelen kunnen noemen, of teksten of verhalen of in vakjargon: long copy. Maar zelf heb ik het het liefst over stukjes, omdat dat gezellig klinkt en ook alsof het makkelijk is. Alsof ik dat wel kan. Wat ga je vandaag doen? Oh, een stukje schrijven. Geen kunst aan. Heb je de eerste zin op papier, dan volgt de rest vanzelf.

In de praktijk is het minder simpel. Je kunt natuurlijk niet zomaar aan zo'n stukje beginnen. Eerst moet je offertes maken, en planningen en afspraken. Er moeten actielijstjes komen en je moet direct weer de acties wegvinken die je inmiddels ondernomen hebt. Mensen bellen, soms moet je zelfs naar ze toe. Goed naar hun verhaal luisteren, aantekeningen maken die je later zelf ook nog kunt lezen. Je moet surfen op internet, alle informatie over het onderwerp verzamelen en uitprinten. Voor elk stukje een mapje maken waarin je al het papierwerk bewaart dat inmiddels bij het stukje hoort. Op het mapje moet je duidelijk schrijven om welk stukje het gaat anders raak je in de war. Dan nog ergens alle uren nauwkeurig noteren die je hebt besteed aan research. Tot slot moeten de omgeving en alle randvoorwaarden in orde zijn. Als het een enorme bende is om je heen of op je bureau, moet je die eerst wegwerken. Anders word je afgeleid. Een pot verse koffie onder handbereik is een vereiste en voor je het vergeet eerst even alle e-mail beantwoorden. Als je daar bent, als je al deze stappen genomen hebt, als er niets meer is wat je uit je concentratie kan halen, dán kun je beginnen met schrijven.

Daar ben ik nu. Al bijna twee uur. En ik krijg die vermaledijde eerste zin maar niet bedacht.

admin Donderdag 04 Juli 2002 at 1:15 pm | | Default | Zeventien reacties

Geluk (2)

Voor je het héle huis overhoop gaat halen omdat je je credit card kwijt bent, nog één keer voor de zekerheid in je portemonnee kijken. En hem dan vinden in dat ene vakje waar je nooit wat in stopt.

admin Woensdag 03 Juli 2002 at 4:06 pm | | Default | Vijf reacties

Geluk

Autorijden is saai, geef toe. Je moet op je medeweggebruikers letten en op tijd schakelen en remmen als je een stoplicht nadert. Veel spannender wordt het niet, dat wil zeggen: niet als je je enigszins aan de regels houdt. En dat probeer ik zoveel mogelijk, ik ben immers een brave burger. De tijd die je in de auto zit, is nuttig te besteden door bijvoorbeeld na te denken over je leven en andere interessante zaken. In mijn geval ook door verdrietig te zijn. Het zit me namelijk niet mee op het moment. Natuurlijk is alles te relativeren en zijn er diverse situaties te bedenken waarin andere mensen zitten en ik niet, die véél erger én droeviger én uitzichtslozer zijn. Maar teveel relativeren is ook niet goed. Zo nu en dan moet je gewoon eens even uithuilen. En wat is daarvoor een geschikter moment dan tijdens het autorijden, als je toch niks beters te doen hebt?

Wat ben ik zielig, denk ik als ik de snelweg oprijd. De bespreking ging ook al klote. Zien de mensen niet dat ze heel erg rekening met me moeten houden? Dat ze nu net niet moeten gaan zitten soebatten met mij over haakjes en komma's? Dat gezeur over werk, waar gaat het eigenlijk allemaal over? Ik heb wel wat belangrijkers aan m'n hoofd. Een weke brok groeit achter in m'n keel. Zou ik ooit nog vrolijk kunnen worden, vraag ik me af. En waarom ben ik toch zo'n pechvogel? Waarom gaan de dingen niet gewoon zoals ik wil? Er loopt een traan langs m'n neus. Hoe moet het verder? En waarom zijn m'n vriendinnen net nu met vakantie? Wacht, hier heb ik vast passende muziek bij. Ik stop de cd van de film Magnolia in de cd-speler. Nou, als dat geen droevige liedjes zijn! Wanneer lacht het geluk mij weer toe en wanneer voel ik me niet meer zo alleen, doe ik er nog eens een paar schepjes bovenop. De tranen stromen nu volop over m'n wangen en er komen rare snikken uit m'n keel. 'One is the loneliest number that you'll ever do', prevel ik zachtjes met Aimee Mann mee. 'Two can be as bad as one, it's the loneliest number since the number one.' Daar heeft ze maar net gelijk in. Hee, maar dit lucht op, zeg. Dit is lekker! Janken roelt! Ik geef een draai een aan de volumeknop en zing nu hardop mee, terwijl de tranenvloed onverminderd blijft. Wat kan mij het schelen, niemand die me ziet of hoort. Als ik de wijk waarin ik woon eenmaal binnenrijd, blèr ik de lyrics hard en vals door de auto afgewisseld met gierende uithalen. 'One is the loneliehiehiehie...' Midden op de weg staat een man met een pet op die me gebaart te stoppen.

Politie. Twee agenten. Natuurlijk. Het zit me niet mee, dat zei ik toch al. Zal je net zien, huilen achter het stuur is natuurlijk ook al verboden. "U weet toch wel dat grote hoeveelheden oogvocht het zicht van de bestuurder kunnen belemmeren, mevrouwtje", mompel ik boos terwijl ik het raampje opendraai. De agent kijkt me wat verbaasd aan, maar zegt verder gelukkig niets over mijn betraande ogen en vlekkerige gezicht. "We zijn bezig met een algemene controle, kunt u daar even parkeren", vraagt hij. Ik rijd achteruit in de richting van zijn handbeweging. Door de achterruit zie ik nergens een handige gelegenheid om te parkeren. Na behoorlijk wat meters kijk ik toch maar eens naar voren. In de verte staat de agent wild te zwaaien met beide armen. Ik had natuurlijk meteen naar rechts gemoeten, het parkeerterreintje op, sufferd die ik ben. Ze willen m'n rijbewijs en kentekenbewijs zien. Na enig gerommel in m'n tas besluit ik de act van het zoeken naar m’n kentekenbewijs te staken. Ik weet immers precies waar de papieren liggen: thuis, op m'n bureau. Enigszins opstandig overhandig ik slechts m'n rijbewijs. Nu moet het hoofdkantoor erbij gebiebt worden. Door een walkie-talkie-achtig ding draagt de agent met geoefende stem mijn kenteken voor. "Négen... Eén... Xantíppe... Férdinand..." Hij kijkt er trots bij. "Dat moet een rode Volkswagen Golf zijn", hoor ik zijn collega luid en duidelijk door het apparaat roepen. "Klopt", zegt de agent blij. Eén hindernis genomen. "En het persoontje dat erbij hoort...", gaat de blikken stem verder. Nou zeg, denk ik. Ik hoor mijn naam en gegevens door de ether gaan. Nul fouten. "Alles in orde, ook met het voertuig", bevestigt de stem. De agent geeft m’n rijbewijs terug. "Het is goed, hè", zeg ik met een soort kleine glimlach. "Je hebt het gehoord, het is hélemaal goed", zegt de agent vrolijk en hij steekt z’n duim met een zwaai in de lucht. Als ik wegrijd voelt het een klein beetje alsof ik iets heel bijzonders heb gepresteerd.

admin Dinsdag 02 Juli 2002 at 2:21 pm | | Default | Acht reacties

Troost mij

Ik ben verdrietig. Het reageertooltje staat vandaag tot uw beschikking voor lieve woorden en opbeurende berichten. Alvast bedankt. :\

admin Maandag 01 Juli 2002 at 10:37 am | | Default | Zeventien reacties