Wazig

Ik ben in de loop der jaren een enigszins wazig iemand geworden. Heb ik een levensvraag (of gewoon een praktische vraag), dan wil ik er nogal eens een Tarot-kaartje op leggen - soms sjoemel ik wel een beetje met de uitkomst - en ik ben er sinds een tijdje van overtuigd dat ik voorspellend droom. Ik kan mijn dromen alleen nog niet zo goed interpreteren, pas achteraf blijkt dat ze voorspellend waren en dan nog voorspel ik trivialiteiten als het verjaarscadeautje dat ik van m’n broertje krijg. Maar een kniesoor die daarop let.

Er is meer tussen hemel en aarde, wil ik maar zeggen. Vroeger geloofde ik dat niet. Dan keek ik om me heen en dacht ik: Nou, dit is het. Wat je niet ziet bestaat niet. Maar er gebeuren de laatste tijd dingen die me toch een andere kijk op het leven hebben gegeven. Zo lijkt mijn moeder - vroeger echt iemand van het type ‘beide benen op de grond’ - plots een carrière als wichelroedeloper te ambiëren* en weet ik zelf bijna zeker dat ik magnetisch ben.* Maar laat ik bij het begin beginnen, de dag waarop - of liever gezegd de nacht waarin - ik voor het eerst twijfelde aan het wat-je-niet-ziet-bestaat-niet-principe.

Ik had in die tijd een vriend die uitblonk in wazigheid, ik noem hem even M. Hij had een cursus astrologie gedaan en zat voortdurend met z’n neus in de I-Tsjing. Ik knikte braaf als hij me vertelde dat hij in de sterren had gezien dat een van zijn collega’s de liefde van zijn vader ontbeerde. Iedereen heeft wel iets raars en ik was erg verliefd, dus ik lachte hem niet uit. Hij trok mijn horoscoop en zei me met gekwelde blik dat-ie niet wist of-ie wel bij me moest blijven. “Wat dan?”, vroeg ik natuurlijk geschrokken. “De zon staat in je twaalfde huis,” zei hij en hij keek me veelbetekenend aan. “Is dat erg?” vroeg ik weer, want ik had geen flauw idee waar hij het over had. “Dat is het laatste huis,” zei M. wijzend op een vierkantje in zijn berekeningen. “Dus dan weet je het wel als de zon daar staat.” Ik wist het helemaal niet. “Fik?” Ahum. Niet het moment om grapjes te maken, dat bleek wel uit de reactie van M. “Het heeft met einde en dood en dat soort dingen te maken!” riep hij uit en hij liep verontwaardigd weg, mij onthutst achterlatend met een papiertje waarop allerlei onbegrijpelijke getallen stonden die over mij gingen en waarin kennelijk einde en dood en dat soort dingen lagen besloten.

We lagen in bed. Hij sliep en ik was wakker want ik had vreselijke menstruatiepijn. In zijn hele huis was geen aspirientje te vinden en ik was behoorlijk chagrijnig, want ik zou pas kunnen slapen als de pijn was verdwenen. Ik woelde en ik schopte en ik stak sigaretten op en blies de rook in zijn gezicht en ik hoopte heel hard dat hij van dit alles wakker zou worden, want ik vond het niet eerlijk dat hij kon slapen en ik niet. Om een uur of vijf deed-ie z’n ogen open. “Waarom heb je me niet eerder wakkergemaakt?” vroeg hij toen ik vertelde van de helse pijnen en de afschuwelijke nacht en het schandalige ontbreken van pijnstillers. Tss, alsof ik dat niet geprobeerd had. “Je weet toch dat ik met mijn handen pijn kan wegnemen!” Dat had hij me wel eens verteld, maar ik had het natuurlijk niet serieus genomen. “Kom maar met je buik, doet het nog zeer?” “Ehm ja,” antwoordde ik, maar dat was een leugen, want de kramp was vlak daarvoor helemaal verdwenen. “M. hield zijn hand ongeveer drie centimeter boven mijn buik en bewoog er wat mee en ik wachtte op een geschikt moment om te zeggen dat de pijn opeens weg was en dat ik het wonderbaarlijk vond. Nooit te beroerd om een spelletje mee te spelen, ik. Plots ging M. rechtop in bed zitten. Hij deed het licht aan en keek me strak aan. Beschuldigend hield hij zijn magnetiserende hand in de lucht. “Ik voel niks”, zei hij. “Volgens mij heb je helemaal geen buikpijn!” Ik knikte verschrikt van wel, maar keek kennelijk schuldbewust, want hij draaide zich boos om en ging weer verder slapen. Ik heb me zelden zo betrapt gevoeld. Niet lang daarna maakte M. het uit.

* Mogelijk leest u over deze zaken in de toekomst meer op Charlotte’s Web.

admin Vrijdag 29 November 2002 at 11:59 am | | Default | Twintig reacties

Stem op mij

Ik wil alleen maar tienen. Stem!

admin Donderdag 28 November 2002 at 11:55 am | | Default | 21 reacties

Vol verwachting klopt mijn hart

Tussen 13.00 en 17.00 uur komt misschien de monteur van KPN.

admin Woensdag 27 November 2002 at 09:29 am | | Default | Zeventien reacties

Bioscoop Catharijne

We stonden bij twee lege stoelen in rij tien. Of het onze plaatsen waren, konden we niet zien. "Weten jullie welke stoelnummers jullie hebben?” vroeg ik aan de jongens op de stoelen ernaast. Twee paar zwarte ogen keek ons onverschillig aan. “Nee”, zei een van de bijbehorende monden. Ze zagen er vervaarlijk uit, de jongens. De ene had zijn geblondeerde kroeshaar zo laten bewerken dat-ie rechte streepjes op z’n hoofd had en in z’n nek een soort matje van vlechtjes. Uit zijn broekzak kwam een lange ketting. De andere was dik en nors, had bolle bleke wangen en zwart plukkerig haar. Denk maar niet dat ik bang voor jullie ben, keek ik hen aan. Wij anders ook niet voor jou, keken ze terug. We gingen op de lege stoelen zitten. Ik hoopte dat ze zich een beetje rustig zouden houden tijdens de film. Want als ze dat niet zouden doen, zou ik er niks van durven zeggen.

“Oh, die is heel stom”, zei de dikke jongen toen Vernon Dursley in beeld verscheen. Hij piepte een beetje toen de gemene oom Harry Potter bij z’n enkel greep in een poging te voorkomen dat hij er vandoor zou gaan in de betoverde auto. En hij lachte hard, toen Vernon uit het raam viel. “Wat gebeurt er?” vroeg de jongen met de vlechtjes toen Harry in de schoorsteen verdween. “Hij heeft het per ongeluk verkeerd gezegd,” antwoordde de dikke jongen met een verschrikte fluisterstem. “Nu komt-ie niet op de Wegisweg, maar op een duistere tovernaarsweg. “Oh nee,” leefde hij mee toen het Harry en Ron de trein naar Hogwarts misten, waarop hij meteen aan z’n buurman verraadde: “Nu gaan ze met de vliegende auto!” Hij deed niet eens meer z’n best om te fluisteren. Angstige kreten toen de boom terugsloeg en een diepe zucht van opluchting toen Harry en Ron veilig op Hogwarts aankwamen. Daarna werd het stil op de stoel naast me. De dikke jongen was voorover gaan zitten en kon nog maar net over de rand van de stoel voor hem heenkijken. Hij bewoog niet. Tot de Pauze-letters in beeld verschenen. Voorzichtig ging hij rechtop zitten en met een klein piepstemmetje zei hij tegen de jongen met de vlechtjes: “Zo, ‘k was bang, joh.”

Harry Potter The Chamber of Secrets is veel enger dan de eerste film. En ook wat samenhangender. De plaatjes zijn net zo mooi en de casting was weer geweldig. Na de pauze hoorden we de jongen met de vlechtjes zo nu en dan zeggen: ‘Huuhuuuh, je bent bang, hè, huuh huuh.” En de dikke: “Nou, ophouden, dat is niet leuk.” Ik heb me er niet aan gestoord, want ik vond het zelf veel te spannend. De aftiteling hebben we helemaal uitgezeten. Ik had bij RTL Boulevard (ik kijk het allemaal) gehoord dat er nog iets achteraan kwam en ik wilde nog helemaal niet vertrekken uit de wereld van Hagrid en Hogwarts. Er kwam nog iets achteraan. Blijven zitten dus na de film, of mij mailen als je daar geen zin in hebt. De aftiteling duurt namelijk wel heel lang.

admin Maandag 25 November 2002 at 3:05 pm | | Default | Elf reacties

Het oog van de kunstenaar

Twee ovalen. Het ene donker, grauw, somber grijsblauw met een vleugje groen en de suggestie van een brokkelige zwarte rand. Het andere groter en ronder. Diepgeel, krachtig, energiek en omgeven door een transparant wit licht. Daartussenin een silhouet van een vrouw, dat wil zeggen, ze komt op me over als een vrouw. Kalm en nietig, maar toch overtuigd staat ze met haar gezicht naar de lichte bal gericht. Misschien is de donkere vorm de ellende die ze achter zich laat en de lichte het geluk dat haar toelacht. Misschien is de donkere vorm de kille wereld en de lichte de warme zon. Genoeg om over na te denken.

Er hangt sinds vandaag een nieuw schilderij bij mij aan de muur. Eigenlijk is het geen schilderij, maar een mix van grafische technieken. Handig, als je de maker kent om de nodige uitleg te geven. “Stelt het eigenlijk nog iets speciaals voor?” vroeg ik aan C. “Nou,” zei ze aarzelend. “Zelf vind ik het nog het meest lijken op iemand die wat verwonderd kijkt naar een reusachtig spiegelei.”

admin Donderdag 21 November 2002 at 5:21 pm | | Default | Dertien reacties

Stoelmassage

Ik vond het een beetje stom, toen mijn nieuwe kantoorgenoten er voor het eerst over vertelden. Je kunt je hier inschrijven voor een tweewekelijkse stoelmassage. “Ha ha,” zei ik nog lollig, “mijn stoel heeft geen klachten, hoor.” Die grap was vaker gemaakt.

Om de maandag komt er een masseuse langs, ze neemt haar eigen speciale massagestoel mee. Dat is een stoel waar je achterstevoren op gaat zitten met je gezicht in een hoefvormig kussentje. Dan masseert ze je rug en schouders letterlijk tussen de bedrijven door.

Doorgaans ben ik er niet dol op betast te worden door vreemden, ik houd er in ‘t geheel niet van als mensen te dicht in de buurt komen en wie onverwacht en ongevraagd mijn intieme zone betreedt loopt grote kans op een harde slag in het gezicht. Maar stiekem weet ik ook wel dat als er iemand in aanmerking komt voor een stoelmassage, ik het wel ben. De minimaalste stress kan er al voor zorgen dat ik dagen aan een stuk op het puntje van mijn stoel zit te balanceren, ik trek mijn schouders hoog op als ik tiep en als er echt een deadline nadert, doe ik mijn uiterste best voortdurend met het puntje van mijn neus het beeldscherm aan te raken. Niet zo goed dus eigenlijk. Daarom heb ik me schoorvoetend aangemeld voor een proefmassage.

Vanmorgen kwam de masseuse hem geven aan mij en de andere nieuwe huurders die geïnteresseerd waren. Ik mocht als eerste plaatsnemen op de gekke stoel. Ik deed net alsof ik helemaal niet vond dat ik voor aap zat. Ik probeerde me te ontspannen terwijl ze in me kneep en op me klopte, mijn vel kneedde, mijn rug rolde en mijn armen in onmogelijke posities duwde. Ze kriebelde lekker door mijn haar. Als laatste trok ze aan m’n armen en moest ik me achterover laten vallen. Dat vond ik eng. Maar ze ving me op. Toen ik opstond, leek het net alsof ik groter was, alsof ik losser was en soepeler. Ik ging lekker achter mijn bureau zitten en ik kon mijn bloed haast door mijn aderen voelen stromen. Meer zuurstof naar mijn hersenen, dan kan ik ook beter denken natuurlijk. De hele dag al voel ik me rozig en ontspannen. Ik zit rustig rechtop te werken en wie mij op de kast wil krijgen, moet van goede huize komen. Mijn favoriete reactie vandaag is een vriendelijke glimlach.

Kortom: ik ben om. Voor mij iedere twee weken een lekkere stoelmassage. Voor jullie iedere twee weken heerlijk kabbelende stukjes van een relaxte Charlotte. Ik geloof zelfs dat ik een telefoongesprek met de Klantenservice van KPN zonder hartkloppingen en driftaanvallen zou kunnen voeren. Maar dat risico neem ik toch liever niet. Zonde van mijn goede humeur.

admin Maandag 18 November 2002 at 3:32 pm | | Default | Vijftien reacties

KPN-logica

Charlotte: “Ik wil alleen zo graag weten op welke dag er iemand komt om de boel aan te sluiten.”
Mevrouw van KPN: “Ik heb u al gezegd dat ik u dat niet kan zeggen. Wij hebben geen inzage in de planning, dan moet u bij een andere afdeling zijn.”
Charlotte: “Verbind me dan door met die afdeling, dan vraag ik het daar.”
Mevrouw van KPN: “Wij kunnen hier niet doorverbinden.”
Charlotte: “Excuses, kunt u me dan het nummer geven?”
Mevrouw van KPN: “Nee, die afdeling is telefonisch niet rechtstreeks te bereiken.”
Charlotte: “Pardon? We hebben het over een organisatie die telefonie biedt en zelf niet telefonisch te bereiken is? Waarom niet?”
Mevrouw van KPN: “Ja, anders gaan er steeds allemaal klanten bellen - zoals u - om om data te vragen.”

admin Vrijdag 15 November 2002 at 09:41 am | | Default | Zeventien reacties

Koopje (2)

Wat kun je soms toch blij zijn met kleine dingen. Zo zwaaide ik vanmorgen dolgelukkig met een afdruk van een mailtje, mijn eerste print op m’n nieuwe kantoor. Na een week knutselen hebben we hem aan de praat en hij doet het zo mooi. Mede dankzij Lijn, die iets zei over cups ofzo, waardoor er plots onder de technici in mijn omgeving allerlei lampjes aansprongen. Inmiddels hebben verscheidene mensen die er verstand van menen te hebben mij gezegd dat je inderdaad zelden zo’n mooie printer voor zo weinig geld tegenkomt. Heb ik het uiteindelijk toch nog goed gedaan. De Moletov-cocktail heb ik maar weer opgeborgen. Wie weet komt dat ding nog eens van pas. Ik heb overigens nog steeds geen telefoon.

admin Donderdag 14 November 2002 at 4:34 pm | | Default | Zeven reacties

Nepnagels

Nepnagels, dat lijkt me niks voor jou, reageerde iemand via e-mail. Waarom eigenlijk niet, en hoe weet je dat? Ik vraag me wel eens af hoe goed lezers die me privé niet kennen, mij via m’n site kunnen leren kennen. En of het beeld dat door de stukjes ontstaat overeenstemt met de werkelijkheid. Ik ben zo iemand die wint met karten. Daar keken jullie ook van op, hè! Ik ben zo iemand die nepnagels neemt en er als een kind zo blij mee is. De hele dag voel ik me een dametje en alles wat ik doe lijkt opeens heel elegant te gaan. Zelfs mijn befaamde paniekwapperen ziet er nu damesachtig uit. Gapen en hoesten kan ik sinds kort ook zeer charmant met mijn gemanicuurde hand voor m’n mond. Mijn vingers lijken lang en puntig, m’n sieraden komen veel beter tot hun recht, dus neem ik graag voor lief dat tiepen en krabben een ramp is, mijn lenzen uitdoen heel gevaarlijk en een ketting om hangen bijna onmogellijk.

Een beetje ordinair is het wel, dat geef ik toe. Is dat waarom u nepnagels niet bij mij vindt passen? Dan geef ik nu graag de gelegenheid het beeld dat u van me hebt op dit punt bij te stellen. Ik ben namelijk best ordinair. Daarnaast ben ik ook behoorlijk lomp en onhandig, waardoor ik helaas al twee nagels kwijt ben. De ene heb ik er zelf per ongeluk vanaf gescheurd, toen ik er tijdens een telefoongesprek met m’n vriendin C. wat al te enthousiast aan friemelde en de andere sneuvelde toen ik gisteren keihard van de trap af donderde. Nu staat het raar. Ik heb één dameshand en één mislukte hand met twee lelijke korte en drie mooie lange nagels. Gelukkig heeft de nagelspecialiste - die nog in opleiding is en blij dat ik mijn handen beschikbaar stel als oefenmateriaal - zaterdag tijd om het een en ander te herstellen. En ze heeft wat nieuws geleerd! Een soort luipaardprint kan ze maken, op de toppen van de nagels. Dat wil ik natuurlijk ook. Een soort safari-dametje ben ik dan. Cool man.

admin Woensdag 13 November 2002 at 2:23 pm | | Default | 25 reacties

Kies kwijt

"Woon je al lang in Utrecht?"
"Ieh aagh."
"Vier jaar?"
"Euh, ie."
"Oh. Vind je het leuk wonen?"
"Uhuh."
"Zelf woon ik hier net drie weken."
"Uh."
"Hier zit wat tandplak."
"Uh."
"Je hebt ook een paar gaatjes."
"Uhh?!"
"Drie in totaal, hier zit er een en hier."
"Oh."
"We zullen zo even een nieuwe afspraak maken om ze te vullen."
"Ohé."
"Dan zit er nog een gaatje in je verstandskies."
"Eeuh..."
"Dat ga ik niet vullen, ik trek de kies er nu meteen wel even uit."
"Uuhuh!!! Uuhuuuh!!!"
"Auw, je bijt!"
"Ja! Ik schrik me een hoedje! Je zegt dat je m’n verstandskies er nu uit gaat trekken! Maar dat is toch zeker een grapje! Want dat wil ik helemaal niet! Daar heb ik me niet mentaal op voorbereid! Ik dacht dat ik hier gewoon voor controle kwam!"

Hier zou een lang saai stuk kunnen staan waarin de tandarts Charlotte met veel enthousiasme overhaalt de kies toch te laten trekken, haar ervan overtuigt dat mensen die horrorverhalen vertellen over hun uitgebikte verstandskiezen watjes zijn, dat juist haar verstandskies bijna zit te popelen om eruit te mogen, een lange naald in haar tandvlees steekt, een lange naald in haar gehemelte steekt, haar ervan overtuigt dat ze niet doodgaat mits ze gewoon door blijft ademen, ook al lijkt het alsof haar huig gigantische proporties aanneemt, een beetje met een tandartsgereedschap tegen haar kies aan ramt, Charlotte niets voelt maar wel enge geluiden hoort, zoals gekraak en de tandarts de kies in kwestie ten slotte ware het een trofee trots omhoog houdt. Maar laat ik jullie dat verhaal maar besparen.

Ik was gehecht aan die kies. Ik gebruikte hem ook. Ik vind, zo’n kies krijg je niet voor niets. Daar moet je wat mee doen. Kauwen en zo. Ik mag alleen met rechts eten. En niet eens pittig. Mijn verstandskies had een belangrijke plaats in mijn gebit. Het voelt nu een beetje uit balans. Mijn hoofd hangt ook een soort van scheef. Het gewicht in mijn mond is niet meer goed verdeeld. Het voelt al de hele dag leeg achter in mijn mond. Met m’n tong kan ik met het knoopje in de hechting spelen. Dat is dan nog wel leuk.

admin Zaterdag 09 November 2002 at 10:25 pm | | Default | 27 reacties

Koopje

Ik werk nu al een paar dagen zonder printer bij de hand. Of liever gezegd, dat probeer ik. Maar ik vind het maar moeilijk. Nu pas ontdek ik dat ik bijna alles afdruk. Een opdracht is pas een officiële opdracht als ik er papieren bij heb die ik in een mapje kan stoppen. Even snel een tweedehands-printer kopen, dacht ik daarom gisteren. Geen goeie move.

Ik heb een zes jaar oude HP LaserJet 5 gekocht bij de Budget Shop op de Voorstraat in Utrecht met netwerkkaart zodat de anderen er ook op kunnen printen. Het kostte bij elkaar 225 euro. Best veel geld, dacht ik. Koopje, vond de meneer van de Budget Shop.

De hele dag heb ik gisteren besteed aan het aan de praat krijgen van de printer. Na een hele tijd deed hij wat. Als ik 'test test' tiepte, printte de HP LaserJet 5 dertig pagina's aan een stuk 858485544CF68468RSF8846468484648SGRSERFSF8468
46846464SRTGWSG6846484684164846846484WSE84644 uit. Ik bellen met de HP-helpdesk. Eerst sprak ik een kwartier met Peter, daarna een halfuur met Paul en ten slotte een tijd met Jan-Willem. De laatste wist me uiteindelijk te vertellen dat de printer die ik heb gekocht geen PostScript ondersteunt. Wat betekent dat-ie mijn Mac niet begrijpt. Hij gaat er wartaal van uitslaan.

Vanmorgen belde ik naar de meneer van de Budget Shop. Die oplichter, die bedrieger, die vreselijke gladde rotzak die had gezegd dat ik er met zowel Apples als pc's mee kon printen. Ik had niet om een PostScript-printer gevraagd, zei hij. Hij had verstand van printers en niet van computers, zei hij. Ik zou in geen geval mijn geld terugkrijgen, zei hij. Hij kon een PostScript-printer voor me bestellen, maar die zijn wel een stukje duurder, zei hij.

Inmiddels schaam ik me een beetje voor mijn kantoorgenoten die me hebben horen schelden en tieren. En van mijn hele arsenaal aan lelijke woorden hebben mogen genieten. Maar goed, weten ze meteen dat ze met mij geen ruzie moeten maken. Pittig, that's what I am.

De moraal van dit verhaal: boycot de Budget Shop op de Voorstraat in Utrecht. Doe het voor mij. Voor jullie domme, naïeve weblogster die de laatste tijd iets te makkelijk met haar pin-pas zwaait. Het is de enige wraak die ik op dit moment kan bedenken.

admin Donderdag 07 November 2002 at 10:58 am | | Default | Zestien reacties

Voor mensen die van pittig houden

Nu ik toch in de reclame-mood ben, even snel een tip. Haast je naar de Albert Heijn - even wachten tot-ie morgenochtend weer open is, uiteraard - en schaf een flesje Monini olijfolie met Knoflookaroma & Chilipeper aan. Of beter, neem meteen een paar flesjes mee, als je er toch bent. Monini olijfolie met Knoflookaroma & Chilipeper is namelijk superspul. Ik heb het een paar weken geleden ontdekt en sindsdien gaat er haast geen dag voorbij of ik maak er wel iets lekkers mee. Ik ben al aan mijn vijfde flesje. Verkochten ze het maar per liter. Vandaag heb er nog een aardappel-gehaktschotel mee overgoten, maar je kunt het ook in de soep mikken of in de saus, kippenpootjes mee inwrijven of - en dat is misschien nog wel het allerlekkerste - het op doormiddengesneden afbakbroodjes smeren voor je ze in de oven legt. Nadeel: zwaar verslavend. Als je van pittig houdt. Maar dat doen jullie natuurlijik allemaal. Charlotte’s web is namelijk voor mensen die van pittig houden, heb ik vandaag bedacht.

admin Woensdag 06 November 2002 at 11:16 pm | | Default | Zeventien reacties

Lekkere dingedong van me

Geef maar toe! Jullie hebben het ook wel eens gehad! Loop je niksvermoedend door het park een beetje je leven te overpeinzen, staat opeens je ex voor je neus. Met een bloedmooie nieuwe partner, die overigens wel gruwelijk tuttig is, dus wat dat betreft passen ze wel bij elkaar. Maar toch. Het zweet breekt je uit en je stamelt iets als: oh ja, ‘t gaat best goed, met jou? Terwijl je ondertussen denkt: hoepel op, idioot, en ga verhuizen naar een andere planeet. En dan, plots, opeens, geheel onverwacht springt daar een compleet zang- en danskoor uit de bosjes dat vol overgave een lied begint te zingen dat eigenijk precies zegt wat je voelt:

je denkt dat watje
hij weet hoe jij er bloot uitziet
hij kent dat wratje
en al je rimpels in ‘t verschiet
je noemde hem je dingedong
en hebt z’n navel schoongelikt met je tong


Dat zijn nou echt van die momenten dat je zo blij bent dat je een goeie deo gebruikt.

admin Dinsdag 05 November 2002 at 9:01 pm | | Default | Negentien reacties

Inhaalstukje

Het loggen is er vorige week een beetje bij ingeschoten, maar ik heb wel veel logbaars meegemaakt. Daarom deze week één inhaalstukje. Wat willen jullie het liefste lezen?

Charlotte heeft ook pornonagels
Charlotte is waarschijnlijk magnetisch
Charlotte boort een miljoen gaatjes
Charlotte gaat naar kantoor
Charlotte bezoekt een Krimi-feest
Charlotte kijkt Jeepers Creepers
Charlotte kijkt The man who wasn’t there

admin Maandag 04 November 2002 at 11:21 pm | | Default | 23 reacties

Charlotte's triomf

Oh ja, karten. Ik krijg de indruk dat men het nogal ongelofelijk vindt dat ik dit spel zou kunnen winnen. Waarom? Presenteer ik mezelf als een tuthola? Een watje? Een bange schijterd? Een miepje? Een vrouw achter het stuur? Iemand die wel kan botsen, maar niet kan sturen?

De vorige keer dat ik in hetzelfde gezelschap de kartbaan opging, reed ik m’n baas bijna dood. Wel een beetje z’n eigen schuld, hoor. Hij was vlak na een bocht stil gaan staan en in paniek verwarde ik het rem- met het gaspedaal, waardoor ik op volle kracht op hem inreed. Hij had maar één gebroken rib, dus ‘t viel uiteindelijk nog best mee. Bij personeelsuitjes gingen we daarna meestal biljarten of bowlen, waarschijnlijk dachten ze dat ik dan niet zoveel schade kon aanrichten. Hoewel mijn collega’s toch wijselijk aan de kant gingen als ik aan de beurt was. Je weet maar nooit.

Voor wie nog nooit heeft gekart: je rijdt twee rondes. De eerste om je te kwalificeren, met je snelste rondje bepaal je je positie in de volgende ronde. In de finale gaat het er gewoon om dat je als eerste de finish haalt. Je krijgt een helm en overall en van tevoren legt een stoere jongen uit hoe het moet en wat je moet doen of laten als ze met verschillende kleuren vlaggen wapperen.

Ik wilde er in eerste instantie vooral voor zorgen dat ik er nog enigszins charmant uitzag in mijn veel te grote overall. En dat het haarnetje en de helm mijn zorgvuldig gestylde kapsel niet ruïneerden. Uiterst voorzichtig nam ik dus plaats in het karretje en ik besteedde de tijd tot de stoere jongen de motor aanjoeg nuttig met het bestuderen van mijn nagelriemen. Ik moest zachtjes op het gaspedaal blijven trappen, maar nog niet wegrijden, zei de stoere jongen, toen mijn kart eenmaal aan was. Dat deed ik, maar het ding zei wel erg hard ‘broem broem’ en er kwam ook nog allemaal rook uit, dus toen liet ik het gas maar weer los. Sloeg de motor af. Nou ja. Ik stak mijn sexy genepnagelde vinger in de lucht en riep pruilend naar de stoere jongen: “Meneer, mijn auto is uit!” Tactiek, natuurlijk.

Bij het startsignaal reed ik rustig weg. De kart voor me had wat problemen, dus die haalde ik even in. Daarop probeerde ik eens wat meer gas te geven. Bij een bocht kon ik mooi binnendoor de volgende tegenstander inhalen en nu had ik de ruimte om uit te proberen hoe hard ik kon met het gaspedaal helemaal in. Niet zo hard. Wel slipte ik de bochten lekker weg en als ik zonder te remmen het heuveltje afreed kon ik het tempo toch flink opvoeren. De ene na de andere collega karde ik op m’n gemakje voorbij en natuurlijk zwaaide ik iedere keer vriendelijk. Inmiddels stonden de stoere jongens van de kartbaan al met de blauwe vlag klaar als ze mij in de verte zagen aankomen. Op het laatst had ik de smaak pas goed te pakken. Ik sjeesde lekker door en wist zo langzamerhand zeker dat ik de snelste ronde had gemaakt en dus op pool position de finale mocht starten.

Viel dat even tegen. Ik had me helemaal niet gerealiseerd dat ik M. niet was tegengekomen. Die had de hele tijd voor me gereden en ook nog eens sneller. Ik vond het misselijk. Ik had de overwinning geroken en wilde hem nu behalen ook. M. moest uitgeschakeld. M. was de vijand. M. is in het echt heel aardig, Formule 1-liefhebber en heeft ook nog een grappig zoontje, dus het was best sympathiek geweest als ik damesachtig was gebleven en hem gewoon had laten winnen. Zoals het hoort. Bij het karten winnen de jongens en kirren de meisjes. Maar de groeten! Lief zijn is voor losers! En ik was een winner! Dus! Tss.

Trillend van concentratie stond ik bij aanvang van de tweede ronde voor de startstreep. Ik was gefocust op de richting die ik op zou stuiven zodra we wegmochten, waardoor ik in een keer aan kop zou liggen. Zodra het licht op groen sprong trapte ik het gaspedaal tot op de bodem in. Ik spoot weg en mijn truc werkte. M. bleef enigszins verbaasd achter en was al snel uit het zicht verdwenen. Nu ging ik er echt voor. Niemand reed me in de weg, maar ik liet m’n aandacht niet verslappen en probeerde de rem zo min mogelijk aan te raken. Als een volleerd coureur volgde ik de in elke bocht de ideale lijn en ik wist de langere stukken zo te rijden dat ik de snelheid tot het maximum kon opvoeren. Ik gebruikte alle kracht in mijn armen om de macht over het stuur niet te verliezen en werd van hot naar her geslingerd, maar het kon me niet schelen. Ah, daar zag ik de staart van de race al, ik reed een heel rondje voor. Een voor een haalde ik mijn collega’s weer in tot ik achter andere M. kwam te hangen, de enige vrouwelijke collega die deelnam aan deze race.

Ze ging niet opzij, ze zag me niet eens. Hallo, waar waren die stoere jongens met die blauwe vlaggen nou? Op haar dooie akkertje reed ze verder, redelijk snel, maar wel damesachtig, dus niet winner-achtig. Ik had het gevoel alsof ze ieder moment in een vrolijk ‘tralala tiedeliediedie’ kon uitbarsten terwijl ik wanhopig een gaatje probeerde te vinden om haar in te halen. Ik botste een beetje tegen haar kart aan om duidelijk te maken dat ik er langs moest en dat het heel belangrijk was. Ze keek wat geïrriteerd om en vervolgde kalm haar weg waarbij ze ervoor zorgde dat ze netjes midden op de baan bleef rijden. Ze week werkelijk geen millimeter.

Nu naderde een andere deelnemer en een blik op zijn schoenen vertelde mij dat het J. was. Die was ik nog niet eerder tegengekomen. Als hij me inhaalde lag hij op de eerste plaats en kon ik naar de overwinning fluiten. En hij haalde me in! Kut! Dit mocht niet gebeuren! Ik probeerde het gas nog dieper in te duwen en speurde naar een mogelijkheid om hem weer langs te gaan, terwijl ik in de verte iemand met een geblokte vlag in de weer zag. De rem had ik nu helemaal losgelaten en ik stuurde uit alle macht. Aah! Daar nam J. de veilige buitenbocht en met halsbrekende slip spurtte ik de binnenbocht in. De kont van m’n wagen stootte zijn voorwielen aan waardoor hij snelheid verloor en ik een stuk voorop kon raken. Dat ik M. niet voorbij kon, daar had ik me bij neergelegd, nu moest ik ervoor zorgen dat J. mij niet nog eens zou inhalen. Hij deed z’n best, maar ik hield hem nauwlettend in de gaten. Zoveel mogelijk slingerend reed ik verder, sneed hem en maakte onverwachte bewegingen waar ik kon. De finish naderde en we werden geseind langzamer te gaan rijden. Nog steeds alert bleef ik vlak achter M. hangen. De stoere jongen leidde ons van de baan af. Ik kon rustig ademhalen. Ik had gewonnen. Trots stak ik mijn beide handen in de lucht. “Kijk eens! Al mijn nagels nog!”

Ik kreeg een beker waarop stond Trophy en 1e Prijs. Ik mocht op zo’n 123-podiumpje gaan staan boven de 1 natuurlijk. Ik kreeg drie zoenen van een stoere jongen van de kartbaan. Bij het eten zeiden de anderen dat het door mijn achternaam kwam en dat ik mijn gewicht meehad. Hetgeen door mij uiteraard werd beantwoord met louter hoongelach. Triomf is lekker.

admin Maandag 04 November 2002 at 4:31 pm | | Default | Elf reacties

Even tussendoor

Pingen is cool. Blogrolling is hot. Verder snap ik het ook niet precies, maar deze site heeft als nieuwe special feature dat je, als je goed kijkt, kunt zien welke logs in het lijstje links hiernaast het laatst geupdate zijn. Maar alleen als de betreffende weblogs zelf ook pingen. Allemaal lekker meepingen, dus.



Plaatje is van Low.

admin Maandag 04 November 2002 at 12:23 am | | Default | Vier reacties

Online

Oef, dat was schrikken. Word ik op een vreedzame zondagmorgen zonder enige aanleiding van het internet geschopt. Maar daar ben ik weer.

admin Zondag 03 November 2002 at 9:00 pm | | Default | Drie reacties

Binnenkort

Op deze website een spannend verslag van de kartwedstrijd waarin Charlotte alle tegenstanders ver achter zich liet en de eerste prijs in ontvangst mocht nemen.

admin Zaterdag 02 November 2002 at 10:51 am | | Default | Elf reacties